30.06.2005 Museumplein, 13:36 uur
30.06.2005 War of the Worlds

Om half twaalf kwamen we bij Pathé de Munt aan voor de eerste voorstelling van War of the Worlds. De deur was nog op slot. Er had zich al een flinke groep mensen verzameld. Ik vroeg me even af of het storm zou lopen, maar uiteindelijk zaten we in een halfvolle zaal.
Ik had de eerste verfilming uit 1953 van het meer dan honderd jaar oude boek wel eens op tv gezien. Het enige wat me daar nog van bijstond was de vrij onverwachte anti-climax aan het einde van de film. Ik had ook wel eens wat gelezen over de paniek die het hoorspel van Orson Welles uit 1938 veroorzaakt heeft. Sommige mensen dachten dat de wereld echt aan het vergaan was.
In de verfilming van Steven Spielberg is Ray Ferrier, gespeeld door Tom Cruise, een gescheiden dokwerker. Hij krijgt zijn zoon en dochter een weekendje op bezoek als de spreekwoordelijke hel losbreekt. Ik zat vanaf het eerste moment op het puntje van mijn stoel. Dat is vooral te danken aan het sterke acteerwerk van vrijwel iedereen. Even dacht ik nog dat het fout ging omdat bij de eerste ontploffing meteen over terroristen werd begonnen, maar dit komt als je het in een perspectief plaatst heel geloofwaardig over. Dit is het New York van nu. Van het woord terroristen krijg ik alleen maar jeuk omdat Bush er te pas en te onpas mee leurt.
De karakters zijn erg goed uitgewerkt. Hoe ver gaan mensen in een levensbedreigende situatie. Wat doet een vader die tegen elke prijs zijn kinderen wil beschermen. Vecht je of vlucht je? Dit zijn de thema’s die de film dragen. Opvallend is dat we geen schokkend bloedvergieten krijgen te zien. De afloop is inderdaad zoals ik me herinner. Het lijkt op het eerste gezicht een anti-climax, maar het is een stuk beter te verteren dan een volstrekt ongeloofwaardig plan met een computervirus zoals we dat in Independence Day voorgeschoteld kregen.
29.06.2005 Koeien
Toen ik dit tafereel vanochtend op straat zag moest ik wel even met mijn ogen knipperen:
Het bleek te gaan om opnames voor een nieuwe Pringles-reclame…
27.06.2005 Nieuw album: Toscane 2005
24.06.2005 Weer thuis, op naar Strand Zuid
Zo, weer thuis. Het huis is niet afgebrand, we zijn niet bestolen en de poezen leven nog. Het Grote Scannen van de rolletjes die Anneke heeft volgeschoten kan ook beginnen, waarna we eens rustig over een albumpje na kunnen gaan denken. In ieder geval is hier nog een panoramaatje van Florence, die had u nog tegoed.
We zijn maar meteen even op Strand Zuid gaan kijken. Leuke sfeer. Gevarieerd publiek. Relaxte muziek. Iets minder hip dan ik had verwacht, wat wel aangenaam is. Ik was alleen niet zo onder de indruk van de strandtent. De volgende keer ranja en boterhammen mee. ;-)
24.06.2005 San Gimignano vanaf de Torre Grossa
24.06.2005 Toscane per trein, dag 10
Door Florence gewandeld. Het is de heetste dag tot nu toe. Onbedwingbare drang om aan de schaduwkant van de straat te lopen. Erg druk. Veel drukker dan de dag dat we aankwamen. De rij voor de Uffizi is tientallen meters lang. Bij de Duomo is het niet anders. Daar beginnen we maar niet aan. Ik word een steeds grotere fan van spremute. Vooral grapefruit. Bij de bushaltes hangen waarschuwingen dat er morgen een algemene staking is. We maken ons lichte zorgen over de thuisreis. Bij hetzelfde restaurant geluncht als een week eerder. Het eten is wederom goed, maar de bediening is dramatisch, omdat er onverwacht een groep van dertig Spanjaarden is binnengewandeld die vrijwel de volledige aandacht opeist.
Naast ons vraagt een Italiaanse man van rond de zestig of we uit Nederland komen. Na een bevestigend antwoord begint hij een lange monoloog over het feit dat hij in Spijkenisse heeft gewoond en dat Nederlanders zo aardig zijn. En dat het land zo veranderd is na de moord op Vincent van Gogh (ja, Vincent). Een tijdje is het gesprek leuk, maar als de buitenlanders weer eens overal de schuld van krijgen hebben we het snel gezien.
IJs gegeten bij Vivoli. Gelukkig vandaag wel open. Het is zoals beloofd in de reisgids onvoorstelbaar lekker. Vergeefs gezocht naar een kadootje voor de buurvrouw, die voor de poezen zorgt. We kunnen na al die jaren nog steeds haar smaak niet inschatten. ‘s Avonds pakken we alvast de koffers, want we vertrekken morgenochtend vroeg.
23.06.2005 Viareggio
23.06.2005 Lucca
23.06.2005 Toscane per trein, dag 9
Na de “rustdag” van gisteren staat vandaag het door velen aangeraden Lucca op het programma. Deze plaats hebben we gekozen omdat Anneke het zich herinnert als wat sfeervoller en minder toeristisch dan Siena.
De vier en een halve kilometer lange stadmuur die de plaats omringt, grenst vrijwel direct aan het station. We lopen de stad binnen via de Piazza San Martino. Het is rustig. Een eenzame gitarist speelt in opperste concentratie prachtige stukken in de ochtendzon. Hij kijkt niet op of om naar de mensen die geld in zijn hoed gooien, hij gaat helemaal op in zijn spel. Na even in de kerk te hebben rondgelopen dwalen we door de smalle straten. Veel fietsers. We drinken een spremuta op een terras aan het Piazza dell’Anfiteatro.
We lunchen bij Da Leo in een ruimte in typische jaren vijftig stijl. Zacht roze muren, zwart-witfoto’s aan de wand. Leuke, kordate bediening. Het eten wordt aangeprezen met “Zoals moeder het maakt”. De Vitello Tonnato is heerlijk. Daarna kuieren we over de stadsmuren, in de schaduw van de hoge bomen, en zitten wat in het gras. Ik speel met de zelfontspanner om een foto van ons samen te maken.
Als blijkt dat Viareggio maar twintig minuten met de trein is, besluiten we ook nog even aan zee te gaan kijken. We zitten in een coupé waarvan alle ramen open staan waardoor de gordijnen wild wapperen. De airco loeit over het geraas van de trein heen. We zien het landschap veranderen: links vlak en moerassig, rechts bergen en marmergroeven.
Viareggio komt over als een mondaine badplaats met fraaie huizen en hotels langs een brede boulevard. De kledingwinkels hebben veel dure merken, terwijl de restaurants overwegend van het type vreetschuur zijn.
Op het strand zelf is het strikt verboden met een zelf meegebrachte handdoek in het zand te gaan liggen. Men mag alleen een stoel met parasol huren bij een van de standtenten. Deze staan dan ook van de bar tot de waterlijn opgesteld. De enige vrije ruimte wordt ingenomen door reddingssloepen. Geen buitenlandse toerist te bekennen, alleen maar Italianen. Ook wel eens verfrissend. We trekken onze schoenen uit, rollen de broekspijpen op en banjeren tussen de badgasten door de branding. Het zeewater is aangenaam lauw. Vakantie!
Gedineerd op het station met citroenijsjes en chips. Het zoveelste stelletje staat hartstochtelijk te zoenen op het perron. “When do you think they’ll come up for air?”, vraagt een vrouw naast ons aan haar reisgenote. Terugreis in een coupé vol backpackers met oversized rugzakken.
22.06.2005 Cortona
22.06.2005 Toscane per trein, dag 8
Ontbijt in de tuin. We hebben geen haast; bestellen nog een tweede ronde cappuccino’s. We rommelen wat op de kamer en besluiten om een ommetje in de buurt te maken. We nemen geen water mee en slechts één camera en één lens. Alleen even kijken wat er bovenop de heuvel te zien is, is het plan.
Iedere keer als we denken de top bereikt te hebben, kronkelt de weg na de bocht toch weer een stukje omhoog. Ineens zien we rechts van de autoweg een voetpad beginnen, gemarkeerd met de roodwitte strepen die je hier steeds ziet terugkomen. Het blijkt om een lange afstandswandeling van Bologna naar Florence te gaan. Het pad leidt ons het bos in. Rust. Geen auto’s, geen andere toeristen. Zo nu en dan een open stuk dat uitzicht biedt op olijfboomgaarden en wijngaarden. Ook zien we, steeds vanuit een andere hoek, Florence liggen. Dan staan we bij de oprijlaan van het kasteel dat we steeds in de verte zagen liggen. Het hek is dicht. “Alleen te huur voor evenementen”. We lopen door, dalen af naar een vallei. Hoog gras, klaprozen, wijnranken. Een enkele boer die ons knorrig groet. Bij een kerkje rusten we op een bank in de schaduw. We krijgen dorst, en ik ben er met mijn jurk en slippers bepaald niet op gekleed, maar we gaan door. Het is hier prachtig. We denken steeds wel zo’n beetje te weten waar we zijn, maar de weggetjes die om de heuvels heen kronkelen spelen spelletjes met ons richtingsgevoel. We komen geen levende ziel meer tegen, op een jongen na die op een brommer langsraast.
Als we in een dorpje belanden en er ineens een trattoria voor ons opdoemt, kunnen we wel huilen van geluk. Op het terras onder een afdak klokken we drie flessen bubbelwater weg en bestellen we iets te eten. Alles kan in de frituur, blijkt hier het motto. Na een straffe bak espresso lopen we door. Zonder de weg te vragen, want van hieruit moet het toch niet moeilijk meer zijn.
Als Florence echter steeds ergens anders ligt dan we denken en we een paar keer voor steeds hetzelfde kasteel staan, pakken we uiteindelijk maar de autoweg en volgen we de borden naar Fiesole. Als we het hotel binnenstrompelen zijn we zes uur onderweg geweest.
21.06.2005 San Gimignano
21.06.2005 Toscane per trein, dag 7
Als we na het ontbijt op de bus voor het hotel staan te wachten, komt de Duitse man van de avond ervoor naar de halte lopen. Zijn vrouw volgt op enige afstand. “Ombra!” zegt hij in zijn beste Italiaans, wijzend in de richting van onze voeten. Ik knik vriendelijk, maar weet niet zo snel wat ik daarop moet zeggen, temeer omdat ik geen idee heb wat “ombra” betekent. “Is dat de man die als de nieuwe paus klinkt?”, murmel ik in Anneke’s oor, “En wat betekent dat woord eigenlijk?”
In de bus probeert de man een kaartje te kopen. Tevergeefs. De chauffeur verkoopt die niet, ze zijn alleen bij de tabaksboer te krijgen. Ik neem me voor om dat de man bij het uitstappen even te vertellen. Gewoon in het Duits, dan zijn we meteen van dat moeilijke gedoe af. Op de weg naar het dorp construeer ik Duitse zinnen, die ik er na het uistappen allemaal uitreutel. Het ijs is gebroken. Levensverhalen worden verteld en na het overstappen wordt allerhartelijkst afscheid genomen. Een geslaagd contact, zou ik haast zeggen.
San Gimignano. Het eerste dat mij opvalt zijn de “riddervlaggen”, zoals ik ze noem, die overal hangen. Ik waan me in Het Land Van Ooit. Niet dat ik daar Ooit geweest ben, maar zo stel ik me dat daar voor. De middeleeuwse huizen zijn iets te goed gerestaureerd om authentiek over te komen. Dat, gecombineerd met wederom hordes ijsetende Amerikanen zorgt voor een pretparkerige sfeer. Gelukkig valt het allemaal erg mee, als we de toeristenfuikstraat uit zijn. Na het plein met de hoge torens die het stadje de bijnaam “het Middeleeuws Manhattan” geven, wordt het een stuk rustiger en proef je de echte Italiaanse sfeer. Toch blijft er iets pretparkerigs knagen. Ape-bestelwagentjes vervoeren met jute bespannen dranghekken. Op een pleintje hoger in de stad is een man zwaarden en triplex schilden aan het uitladen. Hier moet iets gaande zijn…
We lunchen bij een Osteria. Anneke kalkoen met pistache, ik wild zwijn met kastanjes. Heerlijke witte wijn, Vernaccia di San Gimignano, waarvan ik bij de lokale wijnboer meteen twee flessen insla. Dan pas zien we op een groot bord de aankondiging: er is vandaag en morgen een jaarlijks ridderfeest, wat om vijf uur zal aanvangen. Als ik de foto’s eronder van eerdere jaren bekijk schieten scènes uit Monty Python and the Holy Grail door mijn hoofd. “That’s not a horse, you’re using coconuts!”
We vluchten de toren op, van waar het uitzicht zoals beloofd adembenemend is. Daar vandaan slaan we de voorbereidingen voor het feest gade. Beneden gekomen drinken we nog wat op een terras. Als in de verte tromgeroffel begint, wordt het centrale plein met hekken afgesloten en verrijst er een loket met daarin een kaartjesverkopende “boerin”. Als de eerste trommelaars verschijnen met daarachter “edelmannen” en “peasants”, maken we dat we wegkomen. En velen met ons.
Omdat we alle aansluitingen op een haar na missen, doen we over de terugreis vier uur. Het landschap waar we doorheen reizen dat door de ondergaande zon steeds van kleur verandert maakt veel goed. Op het terras voor ons appartement realiseer ik me voor het eerst dat de vogels die we ‘s avonds laat zien en soms vlak over ons hoofd scheren vleermuizen zijn. Diep geslapen.
20.06.2005 Florence (2)
20.06.2005 Toscane per trein, dag 6
Vandaag (vrijdag) is een rustdag. Het heen-en-weergereis met het openbaar vervoer blijkt vermoeiender dan verwacht, en daarom maken we er een lome vakantiedag van zoals ik me die van vroeger herinner. We wandelen wat zonder doel, doen inkopen in het supermarktje aan de hoofdstraat, schrijven kaarten aan onze respectievelijke ouders. Op de hotelkamer kijken we ons favoriete Italiaanse tv-programma: dat waarin een nieuwslezer gewapend met markeerstift en camerapen ellenlange krantenartikelen voorleest die de kijker intussen zelf kan meelezen. Echt een enorme hit, hier.
Lunch op het terras van La Reggia, een restaurant in Fiesole met uitzicht op Florence. We worden er bediend door een schat van een ober in combatbroek en met onderarmtattoos. Met zijn innemende lach doet hij me aan iemand denken, maar het wil me maar niet te binnen schieten wie. De gnocchi zijn goed, de biefstuk taai, maar het doet er niet echt toe. We zitten er heerlijk en de wijn is uitstekend.
De avond brengen we op ons terras door. We lezen een boek, schrijven een stukje en proberen tevergeefs op foto’s vast te leggen hoe de zon felrood achter de heuvels ondergaat. Het Amerikaanse gezin van een paar kamers verderop zingt luidkeels Happy Birthday door de telefoon naar iemand in het vaderland en sluit af — we zijn tenslotte in Italië — met een arruvvudurtsjee dat drie keer over moet omdat men het niet eens kan worden over de uitspraak. Als het al donker is en Alex even naar binnen is gelopen, kuiert een ouder echtpaar richting ons uiteinde van het terras. De twee bewonderen het uitzicht en de man richt zich stralend tot mij. Wat een prachtige avond! zegt hij in het Italiaans met een overduidelijk Duits accent. Omdat ik niet zo snel weet in welke taal ik eens zal antwoorden, knik ik maar wat. De Duitsers druipen af en ik voel me een trut.
Als we in bed liggen weet ik het ineens. Alfred Molina, de acteur. In zijn rol in Coffee and Cigarettes. Daar deed die ober me aan denken.
19.06.2005 Fiesole (2)
19.06.2005 Toscane per trein, dag 5
Aan dat diep en ononderbroken slapen, waar Anneke gisteren over schreef, is door onze nieuwe buren dus een abrupt einde gekomen. Midden in de nacht wordt na thuiskomst van de twee Nederlandse stellen druk gebeld, geschreeuwd en met de deuren gegooid. Op het terras wordt pal voor onze louvredeuren een gesprek gevoerd over het uitzicht. Waarom Florence niet te zien is, wil het meisje weten. De jongen antwoord dat dat komt omdat er wolken voor zitten. Na deze briljante analyse gaat het gesprek nog een tijdje op dat niveau door. De honden van de naburige huizen slaan er zelfs van aan, wat het er allemaal niet beter op maakt. Wij zijn de wanhoop nabij.
Met kleine oogjes zit ik ‘s ochtends naar mijn cappuccino te staren, gebracht door onze immer vriendelijke ober annex receptionist annex congierge annex klusjesman. Ondertussen vraag ik me af of de hoteleigenaar de Nederlanders de kamers naast ons heeft gegeven om ons een plezier te doen. Het hotel is de avond ervoor blijkbaar flink volgelopen, want om ons heen is het een drukte van belang. We proberen nationaliteiten te raden. Noren, Joegoslaven, Engelsen. Een Israëlische vrouw klaagt over het feit dat de kaas en ham niet gekoeld zijn. De hotelhulp haalt met een wanhopige blik de eigenaar erbij. Ik besmeer een crackertje met cacaofantasie en probeer voor de verandering een glaasje ananassap.
Vandaag gaan we naar het bergdorpje Cortona. Eerst met de bus naar Florence. Op het station hebben we inmiddels de kaartjesautomaat goed onder de knie. Een hele opluchting als ik naar de rij voor de loketten kijk. Even is er paniek als het apparaat Annekes credit card weigert terug te geven, maar de truc blijkt hard trekken. We wachten op het perron. Er komt een gigantische groep Amerikanen langs die de Eurostar hogesnelheidslijn naar Venetië neemt. Mussen pikken te pletter geslagen vliegjes van de voorkant van de stilstaande trein.
In de intercity richting Milaan blijkt het een drukte van jewelste. We hebben volgens de kaartjesautomaat gereserveerde plaatsen, maar daar is op het ticket niets over terug te vinden. We herinneren ons nog wel welke het zouden moeten zijn. In de juiste coupé aangekomen blijken de stoelen wel vrij te zijn, wat als we om ons heen kijken meer toeval dan planning lijkt. Op de gang zit een groep jongens — type schorem dat naar Amsterdam komt voor drugs en hoeren — luid te zingen. Dat wordt afgewisseld met een radio die op vol volume staat te spelen. De overige passagiers negeren het en roken een sigaretje. Dat is verboden, maar de boete is volgens de waarschuwing op de deur zeven euro. Later zullen we in het dorp zien dat de boete voor het niet opruimen van hondenpoep honderd euro is, wat iets zegt over de prioriteiten in het land.
Cortona. Vanaf het plein bij de bushalte is het uitzicht over de vallei en het Lago di Trasimeno al magnifiek. Veel zwaluwen. Veel Amerikanen. We lunchen in restaurant Tonino. Vriendelijke bediening. De risotto is perfect. Het dorp is wonderschoon met smalle steile straatjes. Alom gebutste auto’s vanwege het moeilijke manoeuvreren en parkeren. We klimmen naar de Santa Margherita kerk, daarna door naar de top van de berg, waar het Fortezza Medicea ligt. Een hele klim, maar zeker de moeite waard.
Met een trage bus naar Arezzo door typisch Toscaans landschap. Daarna met de Eurostar terug naar Florence. Op het terras zien we nog net de zonsondergang, onder het genot van lauwe Chianti uit plastic bekertjes. Onze Nederlandse buren zijn vertrokken. Dat valt dan weer mee. Alleen jammer dat de Israëlische gasten het gooien met deuren tot kunst hebben verheven.
18.06.2005 Pisa
Daar is hij dan, de ultieme toeristenfoto. Vergeef me overigens als de kleuren of het contrast er wat raar uitziet, op een laptopscherm is dat allemaal lastig in te schatten. De hoeveelheid foto’s moeten we ook een beetje beperken, aangezien we op onze heuvel in Fiesole op een flitsende 28K8 inbellen. Ik heb hernieuwd respect voor breedband.
Inmiddels heeft Anneke ook al vijf rolletjes volgeschoten, die bij thuiskomst allemaal gescand moeten worden. We krijgen het nog druk.
18.06.2005 Toscane per trein, dag 4
Na een dag of wat vakantie ontstaat een nieuw, vast ritme. In de stilte van het platteland slapen we diep en ononderbroken tot we rond half acht vanzelf wakker worden. Ontbijten doen we in een uitgestorven ontbijtzaal waar een ijverige, ietwat autistisch aandoende jongen ons cappucino’s brengt en tafels dekt voor nietbestaande gasten. Handenwrijvend stottert hij stug zijn ingestuderde Engelse zinnetjes. Het maakt niet uit hoe vaak ik in het Italiaans antwoord; hij moet en zal. Het ontbijtbuffet biedt al sinds dag één geen verrassingen — gewoon iedere dag dezelfde zoete croissants, vijf plakjes ham en vijf plakjes kaas, crackers, jam en sinaasappelsap.
Na het ontbijt gaan we naar het dorp. Bij regen met de zeer sporadisch rijdende bus, anders lopend. Zo’n drie kilometer, heuvelaf. Vandaar met een volgende bus naar Florence, waar we vandaag voor het eerst de trein nemen. Tussen de middag eten we steeds goedkoop en heerlijk warm; ‘s avonds gebruiken we een maaltijd van brood, kaas, ham en lokale rode wijn (totnogtoe zonder uitzondering ondrinkbaar bocht) op ons terras met immer veranderend uitzicht op het dal. Vandaag schijnt de laagstaande zon fel, en zijn de heuvels in de verte wazig blauw.
Onze eerste trip dus, vandaag. Pisa. Ik heb er nooit aan gewild, maar vanwege het hoge jemoetertocheensgeweestzijn-gehalte en de mogelijkheid om torenduwende dan wel -tegenhoudende toeristen te fotograferen doen we het nu toch. In de trein weten we ons wederom omringd door Aziaten en Amerikanen. We vertrekken in stortregen, maar onderweg klaart het langzaam op. Pisa herdopen we al in de eerste minuten na aankomst tot het Eindhoven van Toscane. De enige attractie van deze sfeerloze stad, het Campo dei Miracoli met de bekende scheve toren, is niet moeilijk te vinden. Gewoon vanuit het station rechtdoor de plaatselijke Kalverstraat volgen en dan bij de borden met afbeeldingen van de toren linksaf. De gebouwen op het Campo zijn prachtig, maar vooral zijn we gefascineerd door het circus dat zich er omheen afspeelt. Hordes toeristen die hardnekkig de bordjes “verboden het gras te betreden” negeren, laten zich in steeds dezelfde poses fotograferen, met verbeten grijnzen tijdens het bepalen van de juiste plek. Aan een kant van het veld staat een lange rij souvenirkramen. Op het pad voor de kramen proberen diepzwarte Afrikanen tevergeefs paraplu’s te slijten en Amerikaanse toeristes te versieren. Bij de ticketoffice is het verrassend rustig. Als we de prijzen zien begrijpen we waarom. We besluiten het bij een kaartje voor de kathedraal te houden.
Voor de lunch kiezen we een restaurant uit dat in alle reisgidsen wordt aangeprezen als het beste van Pisa. Wederom dichte rolluiken. “Gesloten op woensdag”. Juist. Bij een volgende tent worden we zo lang nadrukkelijk genegeerd dat we het opgeven. Bij restaurant nummer drie blaft de serveerster ons, losjes vertaald, slechts zinnen toe als “wat wil je” en “moet je verder nog wat”, maar omdat we honger hebben en de lunchtijd bijna voorbij is schikken we ons in ons lot. We eten een matige pasta die dan ook wel spotgoedkoop is. Om een uur of vier hebben we het wel gezien in Pisa.
Om twee uur ‘s nachts worden we wakker van gepraat en stoelpoten die over het terras voor ons appartement schrapen. We zijn niet meer alleen. De nieuwe hotelgasten zijn — u raadt het al — Nederlanders.
17.06.2005 Toscane per trein, dag 3
Plasregen. Het ziet er niet uit als een buitje. We nemen onder het afdak de reisgidsen door en lezen wat in ons boek. Als het tegen elven opklaart, besluiten we er een rustig dagje van te maken en in de omgeving te wandelen. Het natuurgebied om Fiesole heen is erg fraai. Heuvels vol cypressen, met her en der olijfgaarden. Over een slingerend pad klimmen we naar de top van de Monte Ceceri, waar een vesting uit de Tweede Wereldoorlog ligt. Daar hebben we wederom een mooi uitzicht over Florence.
We dalen af naar het dorp, waar we bij hetzelfde restaurant als waar we gedineerd hebben lunchen. Daarna via de Etruskische muren door het dal weer in de richting van het hotel. Het wordt steeds drukkender. Bij ieder huis waar we langs lopen slaat een hond aan. De weg terug de heuvel op loopt steil omhoog. Een oude dame schuifelt langzaam voort met een tasje boodschappen. Aan rollators heb je hier niks. Links en rechts staan olijf- en vijgenbomen. Mijn cameratas begint door te wegen. Ik maak in mijn hoofd een lijstje van spullen die ik niet gebruik en voortaan wel thuis kan laten. Ik kom wederom tot de conclusie dat ik alles gebruik. Ik moet gewoon afzien en niet zeuren.
Tweehonderd meter voor we bij het hotel terug zijn begint het plotseling idioot hard te regen. Binnen de kortste keren ontstaat een snelstromend beekje langs de weg. We proberen nog wat te schuilen, maar komen uiteindelijk drijfnat bij de thuishaven aan. Het zal niet meer ophouden met regenen. Diner voor het appartement met chips, prosciutto en lokale wijn uit plastic bekertjes. Ik lees nog wat en typ dit stukje.
17.06.2005 Florence
15.06.2005 Toscane per trein, dag 2
Stralend weer. We ontbijten in een vrijwel lege ontbijtzaal. Onder de enorme stolp liggen vijf plakjes kaas en ham. Het personeel is onverminderd vriendelijk. We lopen het dorp in en nemen de toeristenbus naar Florence. De Duomo. De enorme rij om de toren te beklimmen slaan we over. In de kerk heffen de bezoekers hun handen ten hemel, inclusief cameratelefoon. De vloer en het licht zijn indrukwekkend.
Vergeefs gezocht naar wat men de beste ijssalon van Italie noemt, Vivoli. Na bestudering en herbestudering van de kaart en de reisgids blijken we al een tijdje voor het dichte rolluik van de zaak te staan. Bij een naburig restaurant de beste pizza ooit gegeten.
De tuinen van Boboli bezocht. David, Hercules en de Ponte Vecchio gezien. Het grootste gedeelte van de toeristen blijken Amerikaanse tieners en bussen vol Japanners te zijn. Met de bus terug naar Fiesole. Wederom geweldig gegeten. Op de weg naar huis zie ik voor het eerst in mijn leven vuurvliegjes (of zijn het glimwormen?). Ik dacht even dat ik hallucineerde. Fascinerend. Als een blok geslapen.